Een slaagnorm bepalen die niet willekeurig is
Bijna iedereen zet de slaagnorm op zeventig procent, en bijna niemand kan uitleggen waarom. Meestal is dat geen probleem. Soms is het dat wel, en dan is het belangrijk.
Bijgewerkt 14 september 2026
Op deze pagina
Waarom zeventig procent
Er zit geen theorie achter. Zeventig is een gewoonte uit het onderwijs die zich via software heeft verspreid, en het werkt in de praktijk redelijk: laag genoeg dat één ongelukkige fout niemand laat zakken, hoog genoeg dat je niet slaagt door de helft te gokken.
Als standaardwaarde is dat verdedigbaar. Als bewuste keuze is het pas iets waard wanneer je weet wanneer het niet klopt.
Wanneer zeventig procent te laag is
Als fout gaan gevaarlijk is
Bij een noodprocedure betekent zeventig procent dat drie van de tien stappen fout mogen. Dat is bij een ontruiming geen acceptabele uitkomst. Overweeg een hogere norm, of maak de cruciale vragen zwaarder in punten.
Bij weinig vragen
Bij vijf vragen is zeventig procent in de praktijk 'vier van de vijf goed', want tussenwaarden bestaan niet. Reken uit welke aantallen je norm oplevert voordat je hem vaststelt.
Wanneer zeventig procent te hoog is
Bij een tussentoets
Een tussentoets is een controle onderweg, geen examen. Een norm die mensen laat zakken halverwege de cursus, haalt er mensen uit die het aan het eind wel gehaald hadden.
Als de toets moeilijker is dan de stof
Zakt driekwart, dan is de eerste verdachte niet de groep en niet de norm, maar de toets. Kijk eerst je vragen na op dubbelzinnigheid voordat je aan de norm gaat draaien.
Een manier om het te onderbouwen
Loop je vragen langs en markeer per vraag of het antwoord noodzakelijk is of nuttig. Noodzakelijk betekent: wie dit niet weet, kan de handeling niet veilig of correct uitvoeren.
Tel de punten van de noodzakelijke vragen op. Dat aantal, als percentage van het totaal, is je ondergrens — daaronder slagen is inhoudelijk niet te verdedigen. Kom je uit op tweeëntachtig procent, dan is zeventig te laag en heb je nu een reden die je aan een cursist kunt uitleggen.
De sterkere variant is de noodzakelijke vragen zwaarder maken in punten. Dan zakt iemand die de kern mist automatisch, ook bij een norm van zeventig, en slaagt iemand die één randgeval mist. Dat is preciezer dan aan de norm draaien.
Norm, pogingen en tijd: wat ze samen doen
Deze drie instellingen versterken elkaar. Ze los van elkaar zetten levert combinaties op die je niet bedoeld hebt.
| Instelling | Streng zetten betekent | Ruim zetten betekent |
|---|---|---|
| Slaagnorm | Meer mensen zakken en komen terug. Zinnig als de stof kritiek is. | Bijna iedereen slaagt; de toets bevestigt in plaats van te meten. |
| Pogingen | Eén poging maakt het een examen en vraagt om toezicht. | Onbeperkt pogingen maakt het klikken tot het goed is. |
| Tijdslimiet | Meet tempo mee. Alleen zinnig als tempo bij de vaardigheid hoort. | Geen klok is de standaard, en meestal de juiste. |
Een veelgebruikte combinatie voor interne instructie: norm op tachtig, drie pogingen, geen tijdslimiet, antwoorden en uitleg na afloop tonen.
Vragen hierover
Nee, en meestal is dat ook niet logisch. Een tussentoets mag lager dan een eindtoets. Wat wel helpt: leg vooraf uit welke norm voor welke toets geldt, zodat een cursist niet verrast wordt.
Dat is een gesprek, geen instelling. Praktisch kun je de stof samen doornemen en daarna de pogingen opnieuw beschikbaar maken door een nieuwe poging toe te staan, of die persoon in een volgende lichting plaatsen.
In Leermanager blijft de hoogste uitslag staan. Dat past bij een toets als leermiddel: iemand die het na twee keer beheerst, beheerst het.
Verder lezen
- Een online toets opstellen die iets zegtHoe je toetsvragen opstelt die kennis meten in plaats van leesvaardigheid. Met de vier fouten die het vaakst voorkomen.
- Toetsen met 9 vraagtypen, 8 automatisch nagekeken9 vraagtypen, waarvan 8 automatisch nagekeken. Slaagnorm, aantal pogingen en tijdslimiet stel je per toets in.
- Voor veiligheids- en verplichte instructieInstructie die aantoonbaar gegeven moet zijn: een toets met een slaagnorm, een datum en een certificaat met een controleerbare code.
- Een toets maken die iets meetWelk vraagtype waarvoor geschikt is, hoeveel vragen je nodig hebt en hoe je een slaagnorm kiest die niet willekeurig is.
Kijk eerst rond in een gevulde omgeving
De demo is een volledige omgeving met een echte cursus, twaalf cursisten en hun toetsresultaten. Je hoeft niets in te vullen.