Een online toets opstellen die iets zegt
Een toets waarvan iedereen alles goed heeft, meet niets. Een toets waar iedereen op zakt, meet meestal ook niets. Deze pagina gaat over het verschil, los van welk platform je gebruikt.
Bijgewerkt 29 juli 2026
Op deze pagina
Begin bij wat iemand moet kunnen, niet bij wat je hebt uitgelegd
De gebruikelijke werkwijze is dat je je eigen lesmateriaal doorloopt en per alinea een vraag stelt. Dat levert een toets op die meet of iemand je tekst heeft gelezen, en dat is niet hetzelfde als of iemand het kan.
Schrijf daarom eerst op wat iemand na de cursus moet kunnen, als handeling. 'Kan bepalen of een ladder veilig staat' is een handeling. 'Kent de vier eisen voor ladderopstelling' is een opsomming, en een vraag daarover meet geheugen.
Dat verschil is te toetsen. Bij een handeling geef je een situatie en vraag je wat er moet gebeuren. Dat is meteen een betere vraag, omdat iemand die het lijstje heeft gestampt zonder het te begrijpen erop struikelt.
De vier fouten die je het vaakst ziet
De juiste optie is de langste
Omdat je hem zorgvuldig hebt geformuleerd en de afleiders er snel bij hebt bedacht. Een cursist die de stof niet kent, kiest de langste en heeft hem goed. Maak de opties ongeveer even lang.
Afleiders die niemand kiest
Een optie die duidelijk onzin is, doet niet mee. Een vraag met vier opties waarvan twee onzin, is een vraag met twee opties en een gokkans van de helft. Goede afleiders zijn fouten die mensen echt maken.
'Altijd' en 'nooit' in een optie
Die woorden verklappen het antwoord, want absolute beweringen zijn zelden waar. Hetzelfde geldt voor 'alle bovenstaande', dat vooral leesvaardigheid meet.
De vraag zit in de vorige vraag
Als vraag zeven het antwoord op vraag vier weggeeft, meet je het verkeerde. Loop je toets één keer door in de omgekeerde volgorde; dan valt dit op.
Open vragen zijn duur, gebruik ze waar ze verschil maken
Een open vraag kost je per lichting vijftien keer nakijken. Dat is soms precies wat je wilt: bij een afweging, een uitleg in eigen woorden of een situatie met meerdere goede antwoorden is er geen alternatief.
Maar veel open vragen zijn verkleedde invulvragen. 'Welk telefoonnummer bel je bij een ongeval?' hoeft niemand na te kijken; dat is een invulvraag met de geaccepteerde antwoorden erin. Loop je toets na op open vragen waarvan je het antwoord vooraf kunt opschrijven en zet die om. Bij een groep van vijftien scheelt dat direct een halfuur per lichting.
Welke negen vraagtypen er zijn en wat er met de open vragen gebeurt die je wél stelt, staat bij nakijken.
Controlelijst voordat je publiceert
- Elke vraag gaat over iets dat in je doel staat
- Geen vraag verklapt een andere
- Afleiders zijn fouten die mensen echt maken
- De opties zijn ongeveer even lang
- Elke vraag heeft een uitleg voor na het inleveren
- Zware vragen hebben meer punten dan makkelijke
- Je hebt de toets zelf gemaakt, als cursist, van begin tot eind
Vragen hierover
Tien tot vijftien voor een eindtoets, drie tot vijf voor een tussentoets. Onder de acht vragen beslist één fout te veel over de uitslag; boven de twintig haakt de aandacht af en meet je vooral uithoudingsvermogen.
Alleen als tempo deel van de vaardigheid is, of als je hergebruik wilt tegengaan. Bij een kennistoets straft een klok vooral mensen die zorgvuldig lezen, en dat is niet wat je wilde meten.
Meer opties per vraag, en vraagtypen waar gokken niets oplevert: bij koppelen en volgorde is de kans op geluk klein. Bij 'meerdere antwoorden' waarbij alles goed moet zijn, ook.
Verder lezen
- Een slaagnorm bepalen die niet willekeurig isWaarom zeventig procent de standaard is, wanneer die te laag of te hoog is, en hoe je een norm kiest die je kunt uitleggen.
- Een toets maken die iets meetWelk vraagtype waarvoor geschikt is, hoeveel vragen je nodig hebt en hoe je een slaagnorm kiest die niet willekeurig is.
- Toetsen met 9 vraagtypen, 8 automatisch nagekeken9 vraagtypen, waarvan 8 automatisch nagekeken. Slaagnorm, aantal pogingen en tijdslimiet stel je per toets in.
Kijk eerst rond in een gevulde omgeving
De demo is een volledige omgeving met een echte cursus, twaalf cursisten en hun toetsresultaten. Je hoeft niets in te vullen.